juich

Wat is de betekenis van juich?

juich betekent: eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van juichen

Betekenis

werkwoord
  1. eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van juichen
  2. gebiedende wijs van juichen
  3. tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van juichen

Voorbeelden van "juich" in een zin

  • Ik juich.
  • Juich!
  • Juich je?