Junior

mannelijk (de)/ˈjyniˌjɔr/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. sport (sport) iemand in een jongere leeftijdsklasse
    Hij is onder de junioren een groot talent.

Etymologie

* Leenwoord uit het Latijn, in de betekenis van ‘de jongere (achter namen)’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1795

Vertalingen

Engelspeewee
Fransbenjamin