kaproen

mannelijk/vrouwelijk (de)

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. nauw om het hoofd sluitend hoofddeksel voor mannen
    Terwijl die tulband van oosterse kaproen vroeger stond voor onze Hollandse trots. Van Eyck beeldde er rijke kooplieden mee af.’

Etymologie

* uit het Latijn