kerel
Wat is de betekenis van kerel?
kerel betekent: (verouderd) vrije man van lage geboorte
Betekenis
- (verouderd) vrije man van lage geboorte
- forse, stevige man (een echte vent)
- (informeel) man, echtgenoot
- (informeel) mannelijk persoon
Voorbeelden van "kerel" in een zin
- Een brede kerel kwam het pad oplopen met twee grote emmers water in zijn handen.
- Ze waren de onbetwiste heerseressen van de barakken en hielden zonder problemen een twintigtal kerels onder de duim, hoe naar liefde snakkend die zich ook konden gedragen na meerdere maanden in de bergen.
- Hier was duidelijk het verschil in leeftijd te zien: jonge kerels willen alles uitproberen, hoe gevaarlijker hoe beter.
Betekenis en uitleg van kerel
Een 'kerel' is een informele en vaak vriendelijke term voor een man, die ook een gevoel van enthousiasme of kameraadschap kan uitstralen. Het woord kan zowel een neutrale als een positieve connotatie hebben, afhankelijk van de context.
Je gebruikt 'kerel' vaak in informele gesprekken, bijvoorbeeld onder vrienden of kennissen. Het woord kan ook een gevoel van respect of bewondering uitdragen, vooral wanneer het wordt gebruikt om iemand te complimenteren of te steunen. In sommige gevallen kan het echter ook een ietwat denigrerende ondertoon hebben, afhankelijk van de intonatie en context.
Voorbeelden
- Die kerel kan echt goed voetballen, hij scoort elke wedstrijd.
- Ik heb een nieuwe kerel leren kennen op het werk, hij is echt een toffe gast.
- Waarom gedraag je je als een kerel en niet als de volwassen man die je bent?
Woordoorsprong
Het woord 'kerel' heeft vermoedelijk zijn oorsprong in het Middelnederlands en is verwant aan woorden die 'jongen' of 'dienaar' betekenen.
Veelgestelde vragen over kerel
Wat is de betekenis van kerel?
kerel betekent: (verouderd) vrije man van lage geboorte
Hoeveel betekenissen heeft kerel?
kerel heeft 4 verschillende betekenissen in het Nederlands. Zie hierboven voor alle definities.
Welk woordgeslacht heeft kerel?
kerel is een mannelijk (de).
Hoe gebruik je kerel in een zin?
Voorbeeld: “Een brede kerel kwam het pad oplopen met twee grote emmers water in zijn handen.”
Etymologie
*Afkomstig van het Middelnederlandse kerel of kerle (vrij man van niet-ridderlijke stand, dorpeling), dat afstamt van het oergermaanse *kerla-. Verwant met het Duitse Kerl en het Engelse churl of cheorl.