kerkscheuring

vrouwelijk (de)/xxxx/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. een groep gelovigen die zich afscheidt van de oorspronkelijke kerk
    De onderlinge strijd was vaak heftiger dan die tegen de ‘perfide’ Roomse Moederkerk - ook al draaide het om theologische pietluttigheden. Zelfs de kerkscheuringen van de 20ste eeuw begrijpen wij vaak niet meer. Maar voor de betrokkenen betekenden ze behoud of verdoemenis. NRC Ger Groot 12 januari 2017