kibboets
mannelijk (de)/ˈkibuts/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (sociologie) collectieve gemeenschap en (landbouw)nederzetting van pioniers in Israël, die particulier bezit en hiërarchie hadden afgeschaft en zich wijdden aan landbouw en later ook kleine industrie
Etymologie
*van modern קִבּוּץ (kiboets), in de betekenis van ‘Israëlische kolonie’ aangetroffen vanaf 1958
Vertalingen
Engelskibbutz
Franskibboutz
DuitsKibbuz
Spaanskibutz
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek