kiesheid

vrouwelijk (de)

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. het getuigen van goede smaak
    De docent trekt een vergelijking met het soms pornografisch getinte werk van Jan Wolkers en Jan Cremer. ,,Daar zat kiesheid in", schrijft ze aan haar collega's. ,,In dit verhaal lees ik alleen ranzigheid." Tubantia 10-09-17 [https://www.tubantia.nl/show/docent-weigert-vunzig-boek-stella-bergsma~a04d54ea/ Docent weigert 'vunzig' boek Stella Bergsma]
    Er zit helaas ook een ander economisch principe achter de drang tot verbreding van prenatale screening. Het is niet kies om dat hardop te zeggen. Maar in deze poging tot discussie is er weinig kiesheid en nog minder keuzevrijheid. Reformatorisch Dagblad 24-08-2004 [https://www.rd.nl/opinie/het-leven-wordt-nooit-perfect-1.228769 Het leven wordt nooit perfect]

Etymologie

* afleiding van kies