klaploper
mannelijk (de)/xxxx/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- iemand die profiteert van andermans goedheidHet was absoluut mijn beurt om Lena ergens voor uit te nodigen, het liefst de bioscoop, anders zou ik een soort klaploper bij haar thuis worden.
Etymologie
*afgeleid van klaplopen
Vertalingen
Engelsscrounger, freeloader, mooch
Franspique-assiette
DuitsSchmarotzer
Spaansgorrón, parásito
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek