Dit woord is niet gevonden in de woordenlijst.
kleinsporige braakrussula
mannelijk/vrouwelijk (de)/plaatshouder taxonomie/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (steeltjeszwammen) een van de vele roodkleurige -soorten. Hij komt voor in loofbos en vormt ectomycorrhiza met den, kastanje, soms spar, beuk en eik. Microscopisch onderzoek is noodzakelijk om deze soort met zekerheid te onderscheiden van de grootsporige braakrussula (). ;Hoed
Etymologie
* (coll)
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek