kleinzerig
Wat is de betekenis van kleinzerig?
kleinzerig betekent: het zich sterk aantrekken van kleine onaangenaamheden, gauw pijn voelend, bang voor pijn.
Betekenis
bijvoeglijk naamwoord
- het zich sterk aantrekken van kleine onaangenaamheden, gauw pijn voelend, bang voor pijn.
Voorbeelden van "kleinzerig" in een zin
- Zo kleinzerig als hij ooit op het voetbalveld was, zo ruimdenkend is hij in zijn relatie. Oud-voetballer, schrijver en geliefde tv-gast Jan Mulder (73) is geen Groninger burgermannetje.
Veelgestelde vragen over kleinzerig
Wat is de betekenis van kleinzerig?
kleinzerig betekent: het zich sterk aantrekken van kleine onaangenaamheden, gauw pijn voelend, bang voor pijn.
Hoe gebruik je kleinzerig in een zin?
Voorbeeld: “Zo kleinzerig als hij ooit op het voetbalveld was, zo ruimdenkend is hij in zijn relatie. Oud-voetballer, schrijver en geliefde tv-gast Jan Mulder (73) is geen Groninger burgermannetje.”
Etymologie
Samenstellende afleiding van klein en zeer met het achtervoegsel -ig
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek