klokje

/ˈklɔkjə/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. aanduiding voor een plant met klokvormige bloemen
  2. bloemplanten (bloemplanten) benaming voor planten uit het geslacht van ongeveer 300 soorten planten uit de klokjesfamilie ()
  3. horloge

Etymologie

**[3] van de botanische naam Campanula, Latijn "campanula" "klokje"

Vertalingen

Engelsbell, bellflower, canterbury bell
Spaansfarolillos, pucheritos