klokken

Wat is de betekenis van klokken?

klokken betekent: een tijd opnemen

Betekenis

werkwoord
  1. een tijd opnemen
  2. een geluid voortbrengen dat als "klok" klinkt
  3. snel drinken

Voorbeelden van "klokken" in een zin

  • Zij klokte een tijd van 2:14:34,34.
  • De kippen klokten opgewonden.
  • Het water klokte toen de luchtbel ontsnapte.
  • Voordat ik het wist kreeg ik een bierproeverijplank voor mijn neus met tien kleine bierglazen met verschillende soorten IPA. Deze kleine porties klokten we in een noodvaart naar binnen en ik bestelde meteen een aantal nieuwe planken proefglazen voor de hele tafel.

Betekenis en uitleg van klokken

Klokken zijn instrumenten die geluid maken om de tijd aan te geven of om een bepaalde gebeurtenis aan te duiden. Je kunt ze vaak horen in kerken of op torens, waar ze een herkenbaar ritme en toon voortbrengen.

Het woord 'klokken' wordt vaak gebruikt in de context van tijdmeting, maar het kan ook refereren aan de klank die ze produceren. Klokken worden vaak gehoord tijdens belangrijke momenten, zoals het begin van een nieuw uur of speciale ceremonies. De nuances van het woord kunnen variëren van de mechanische werking tot de emotionele verbinding die mensen voelen bij het geluid van een klok.

Voorbeelden

  • De klokken van de stad luidden om middernacht en verwelkomden het nieuwe jaar.
  • Tijdens de ceremonie klonken de klokken als teken van respect voor de overledenen.
  • Terwijl ik door het park wandelde, hoorde ik de klokken van de nabijgelegen kerk luiden.

Woordoorsprong

Het woord 'klok' komt van het Middelnederlandse 'clocca', dat verwant is aan het Latijnse 'clocca', wat 'bel' betekent.

Veelgestelde vragen over klokken

Wat is de betekenis van klokken?

klokken betekent: een tijd opnemen

Hoeveel betekenissen heeft klokken?

klokken heeft 3 verschillende betekenissen in het Nederlands. Zie hierboven voor alle definities.

Hoe gebruik je klokken in een zin?

Voorbeeld: “Zij klokte een tijd van 2:14:34,34.

Etymologie

*Een klanknabootsend woord (onomatopee).

Vertalingen

Duitsblubbern, glucken, gluckern
Spaanscloquear