knijp
mannelijk/vrouwelijk (de)/knɛip/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (Limburg) een gereedschap om een warme pan of ketel mee vast te houden.
Etymologie
* Leenwoord uit het Duits, in de betekenis van ‘kroeg’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1912
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek