knutselaar
mannelijk (de)/ˈknʏtseˌlar/
Wat is de betekenis van knutselaar?
knutselaar betekent: iemand die knutselt
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- iemand die knutselt
- iemand die iets niet goed kan doen
Voorbeelden van "knutselaar" in een zin
- Als het aan Rolf Hut ligt maak je iets veel en veel leukers: „Niet iets moois, maar iets geweldigs dat echt werkt” – zoals een hond met lichtgevende ogen. Rolf is een wetenschappelijk onderzoeker, die in het dagelijks leven meetapparatuur bouwt. Maar hij is ook een handige knutselaar, die heel graag surprises maakt met technische snufjes. NRC Karel Berkhout 25 november 2016
Etymologie
* van knutselen
Vertalingen
Engelsdabbler, dilettante
Spaansaficionado
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek