loeier

mannelijk (de)/ˈlujər/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. zeer hard schot bij voetbal
    De 38-jarige veteraan pompte bij een 2-0 achterstand tegen Zwitserland een loeier van een vrije trap uit zijn benen. Bij z'n aanloop stond hij zo'n beetje naast zijn eigen doelman, maar dat weerhield hem niet om duizelingwekkend hard en precies raak te schieten. Zijn wereldgoal gaf hem en z'n ploeggenoten een boost, want uiteindelijk zouden de Portugezen de spannende wedstrijd met 6-5 winnen. Tubantia Yari Pinnewaert 25-06-15 [https://www.tubantia.nl/andere-sporten/portugese-nummer-7-heeft-goed-naar-ronaldo-gekeken~a23082a2/ Portugese nummer 7 heeft goed naar Ronaldo gekeken]
    Al vielen er beeldschone doelpunten, zoals die twee van de Uruguayaan Cavani en de loeiers van de Rus Denis Tsjerysjev. Romelu Lukaku was een kunstwerk in zijn eentje. NRC Hugo Camps 14 juli 2018 [https://www.nrc.nl/nieuws/2018/07/14/finale-a1610024 Finale]
  2. iets dat heel groot is; iets dat loei groot is

Etymologie

* van loeien