luidt

Wat is de betekenis van luidt?

luidt betekent: tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van luiden

Betekenis

werkwoord
  1. tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van luiden
  2. derde persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van luiden
  3. verouderd_in_het_nederlands, woorden met artikelreferenties, woorden met boekreferenties gebiedende wijs meervoud van luiden

Voorbeelden van "luidt" in een zin

  • Jij luidt.
  • Hij luidt.
  • Luidt!
  • 'De eerlijkste conclusie luidt dat de Europeanen de supernova onafhankelijk hebben ontdekt van Stanek & co,' zegt hij.