Mager
Wat is de betekenis van Mager?
Mager betekent: dun [1], erg slank (veelal op een manier die niet echt gezond is); schraal, tenger
Betekenis
- dun [1], erg slank (veelal op een manier die niet echt gezond is); schraal, tenger
- niet of nauwelijks vet bevattend
- onvruchtbaar
- waarin een belangrijke basisstof minder dan in de gebruikelijke hoeveelheid aanwezig is
Voorbeelden van "Mager" in een zin
- Zo werd op een winderige dag in november een kleine magere jongen binnengelaten bij de Sint en zijn honderd Pieten.
- Magere of halfvolle melk.
- Mager soldeersel heeft minder tin dan lood.
Betekenis en uitleg van Mager
Het woord 'mager' verwijst naar een toestand van weinig lichaamsvet of een slanke bouw. Het wordt vaak gebruikt om te beschrijven dat iemand of iets een dunne of weinig volumineuze uitstraling heeft.
Je kunt 'mager' gebruiken in verschillende contexten, zoals bij het beschrijven van mensen, dieren of zelfs objecten. Het woord heeft soms een negatieve connotatie, vooral als het gaat om mensen, omdat het geassocieerd kan worden met ongezondheid of ondervoeding. In andere gevallen kan het echter ook een neutrale of positieve betekenis hebben, bijvoorbeeld bij het beschrijven van een sportieve figuur.
Voorbeelden
- Na een periode van ziekte zag hij er mager uit, wat zorgwekkend was voor zijn vrienden.
- De mager uitgevallen kat slenterde door de straat op zoek naar voedsel.
- Het schilderij toonde een mager landschap met kale bomen en een grijze lucht.
Woordoorsprong
Het woord 'mager' komt van het Oudnederlands 'mager', wat 'dun' of 'slank' betekent. Het is verwant aan het Duitse 'mager' en het Engelse 'meager'.
Veelgestelde vragen over Mager
Wat is de betekenis van Mager?
Mager betekent: dun [1], erg slank (veelal op een manier die niet echt gezond is); schraal, tenger
Hoeveel betekenissen heeft Mager?
Mager heeft 4 verschillende betekenissen in het Nederlands. Zie hierboven voor alle definities.
Hoe gebruik je Mager in een zin?
Voorbeeld: “Zo werd op een winderige dag in november een kleine magere jongen binnengelaten bij de Sint en zijn honderd Pieten.”
Etymologie
van Middelnederlands mager / magher, in de betekenis van ‘dun’ aangetroffen vanaf 1240