magistratuur

vrouwelijk (de)

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. in principe iedereen die is verkozen of benoemd in een openbaar bestuursambt. In de praktijk wordt de term tegenwoordig alleen nog gebruikt bij de rechterlijke macht en bij burgemeesters
  2. alle leden van de rechterlijke macht
    Ex-premier Silvio Berlusconi heeft de Italianen vrijdag opgeroepen om op 23 maart massaal de straat op te gaan om te betogen tegen de 'kanker van de magistratuur. Hij besloot tot de stap, die voor een politicus in een West-Europese democratie ongebruikelijk is, daags nadat bekend was geworden dat het Openbaar Ministerie een nieuw onderzoek tegen hem heeft geopend. Tubantia 01-03-13 [https://www.tubantia.nl/buitenland/berlusconi-wil-massale-betoging-tegen-kanker-van-de-magistratuur~a6671654/ Berlusconi wil massale betoging tegen 'kanker van de magistratuur']
    Het bezwaar van de Raad voor de rechtspraak snijdt hout. Ook al is het begrijpelijk dat het openbaar ministerie soms kiest voor een schikking, dat bevordert de transparantie niet. Het schept een beeld van onderonsjes tussen de magistratuur en de malversant. Reformatorisch Dagblad 20-04-2017 [https://www.rd.nl/opinie/commentaar/grote-strafzaken-niet-afdoen-met-bestuurlijke-boete-1.1394405 Grote strafzaken niet afdoen met bestuurlijke boete]

Etymologie

* afleiding van magistraat

Vertalingen

Engelslegal profession, lawyers