mailen

/ˈmelə(n)/

Betekenis

werkwoord
  1. ov (ov) per elektronische post verzenden
    Hij heeft mij gisteren de vakantiefoto's gemaild.
    Hoe romantisch dat ook moge klinken, de Gentse makers van het oorlogsboek Alles komt goed, altijd, Kathleen Vereecken (1962) en Charlotte Peys (1987), hebben alleen gechat en gemaild over hun nu gelauwerde project. ‘Wij ontmoeten elkaar vandaag voor het eerst.’ de Volkskrant Pjotr van Lenteren 11 april 2019 [https://www.volkskrant.nl/cultuur-media/jeugdboek-alles-komt-goed-altijd-van-kathleen-vereecken-en-charlotte-peys-wint-woutertje-pieterse-prijs~b3becfba/ Jeugdboek Alles komt goed, altijd van Kathleen Vereecken en Charlotte Peys wint Woutertje Pieterse Prijs]

Etymologie

*Verkorting van e-mailen. Analoog met het ontstaan van mail uit e-mail.

Vertalingen

Engelsemail, e-mail
Fransenvoyer un courriel
Russischпослать имейл