mandarijn

mannelijk (de)/ˌmɑndaˈrɛin/

Wat is de betekenis van mandarijn?

mandarijn betekent: (fruit) een citrusvrucht

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. fruit (fruit) een citrusvrucht
  2. geschiedenis (geschiedenis) hoge ambtenaar in het keizerlijke China

Betekenis en uitleg van mandarijn

Een mandarijn is een kleine, zoete citrusvrucht met een dunne schil die gemakkelijk te pellen is. Het is een populaire snack en wordt vaak gegeten als gezond tussendoortje.

Het woord 'mandarijn' gebruik je vaak in het kader van fruit, vooral in de wintermaanden wanneer deze vruchten in het seizoen zijn. Daarnaast verwijst 'mandarijn' ook naar een taal of een ambtenaar in China, wat een interessante culturele nuance toevoegt. In de keuken wordt het vaak gebruikt in desserts, salades of als garnering.

Voorbeelden

  • Na het sporten genoot ik van een frisse mandarijn als gezonde snack.
  • Tijdens het diner serveerde ze een salade met mandarijnpartjes voor een extra frisse smaak.
  • De kinderen vonden het leuk om mandarijnen te pellen en te delen tijdens de picknick.

Woordoorsprong

Het woord 'mandarijn' is afgeleid van het Portugese 'mandarim', dat verwijst naar de kleur van de vrucht en mogelijk ook naar de ambtenaren in China, die vaak een soortgelijke kleur droegen.

Veelgestelde vragen over mandarijn

Wat is de betekenis van mandarijn?

mandarijn betekent: (fruit) een citrusvrucht

Hoeveel betekenissen heeft mandarijn?

mandarijn heeft 2 verschillende betekenissen in het Nederlands. Zie hierboven voor alle definities.

Welk woordgeslacht heeft mandarijn?

mandarijn is een mannelijk (de).

Etymologie

* Leenwoord uit het Portugees, in de betekenis van ‘Chinese ambtenaar’ voor het eerst aangetroffen in 1596

Vertalingen

Engelsmandarin, mandarine, mandarin orange
Fransmandarine
DuitsMandarine
Spaansmandarina, clementina, tangerina
Italiaansmandarino
Portugeestangerina
Russischмандарин
Japansみかん, マンダリンオレンジ
Turksmandalina
Poolsmandarynka
Zweedsmandarin
Deensmandarin