neerstromen
/ˈnerstromə(n)/
Betekenis
werkwoord
- (van water of regen) naar lager gelegen plaatsen vloeienHij laat het water vanuit die hoogte neerstromen op de schoepen van een waterrad.
- (figuurlijk) neerkomenUw genade laat u op mij neerstromen.
Vertalingen
Duitsherabströmen
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek