normaal
mannelijk/vrouwelijk (de)/nɔrˈmal/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (wiskunde) loodlijn
- (meteorologie) gemiddelde waarde over een lang tijdsverloop
- benzine met een lager octaangetal dan superbenzine
Etymologie
#(wiskunde) (natuurkunde) loodrecht (normaalkracht, normaalvector)
Uitdrukkingen
- normaal gesproken — onder normale omstandigheden
Vertalingen
Engelsnormal
Fransnormal
Duitsgewohnt, regulär, üblich
Spaanscorriente, regular, ordinario
Italiaansnormale
Portugeesnormal
Russischнормальный
Chinees正常
Japans普通
Koreaans정상의
Arabischعادي, طبيعي
Poolsnormalny, normalna, normalne
Zweedsnormal
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek