nuttig

ˈnʏtəx

Wat is de betekenis van nuttig?

nuttig betekent: van nut zijnde; van iets of iemand dat het een bijdrage levert aan het behalen van een doel

Betekenis

bijvoeglijk naamwoord
  1. woorden met boekreferenties van nut zijnde; van iets of iemand dat het een bijdrage levert aan het behalen van een doel
werkwoord
  1. eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van nuttigen
  2. gebiedende wijs van nuttigen
  3. tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van nuttigen

Voorbeelden van "nuttig" in een zin

  • Hoewel deze terugkeer naar de kou en de duisternis een nuttige halte in zijn leven was geworden, stond zijn trein in het station voor onderhoud en om na te denken.
  • Ik nuttig.
  • Nuttig!
  • Nuttig je?

Betekenis en uitleg van nuttig

Het woord 'nuttig' verwijst naar iets dat praktisch, waardevol of behulpzaam is. Wanneer iets nuttig is, draagt het bij aan het bereiken van een doel of het oplossen van een probleem.

Je gebruikt 'nuttig' vaak om aan te geven dat iets functioneel is of een positieve bijdrage levert aan een situatie. Dit kan variëren van een handige tool tot informatie die je helpt bij een beslissing. Het woord kan ook een persoonlijke nuance hebben; wat voor de één nuttig is, kan voor de ander minder relevant zijn.

Voorbeelden

  • De nieuwe app bleek uiterst nuttig voor het organiseren van mijn dagelijkse taken.
  • Tijdens het gesprek gaf hij enkele nuttige tips over hoe ik mijn presentatie kon verbeteren.
  • Het is altijd nuttig om feedback te ontvangen, zodat je kunt groeien in je werk.

Woordoorsprong

Het woord 'nuttig' komt van het oude Nederlandse 'nut', dat 'voordeel' of 'nut' betekent, en is verwant aan het Engelse 'useful'.

Veelgestelde vragen over nuttig

Wat is de betekenis van nuttig?

nuttig betekent: van nut zijnde; van iets of iemand dat het een bijdrage levert aan het behalen van een doel

Hoeveel betekenissen heeft nuttig?

nuttig heeft 4 verschillende betekenissen in het Nederlands. Zie hierboven voor alle definities.

Hoe gebruik je nuttig in een zin?

Voorbeeld: “Hoewel deze terugkeer naar de kou en de duisternis een nuttige halte in zijn leven was geworden, stond zijn trein in het station voor onderhoud en om na te denken.

Etymologie

Afgeleid van nut met het achtervoegsel -ig

Vertalingen

Deensnyttig
Duitsnützlich
Engelsuseful
Fransutile
ioutila
Italiaansutile
papútil
Spaansútil
Zweedsnyttigt