oefening
Wat is de betekenis van oefening?
oefening betekent: activiteit die erop gericht is om een vaardigheid te leren of te verbeteren
Betekenis
- activiteit die erop gericht is om een vaardigheid te leren of te verbeteren
Voorbeelden van "oefening" in een zin
- De oefening bleek toch zwaarder dan gedacht.
- Sportgeschiedenis functioneert al te vaak als een oefening in nostalgie voor mannen van middelbare leeftijd.
Betekenis en uitleg van oefening
Een oefening is een activiteit of taak die je uitvoert om bepaalde vaardigheden of kennis te verbeteren. Het kan zowel fysiek als mentaal zijn en wordt vaak gebruikt in onderwijs en training.
Het woord 'oefening' wordt vaak gebruikt in de context van sport, muziek, of studie. Bijvoorbeeld, studenten maken oefenopdrachten om zich voor te bereiden op een toets, terwijl sporters specifieke oefeningen doen om hun conditie of techniek te verbeteren. De nuance ligt in het idee van herhaling en verbetering: een oefening is bedoeld om iets beter te leren of te verfijnen.
Voorbeelden
- Na een lange dag school, besloot ik om een paar wiskunde-oefeningen te maken om me voor te bereiden op het examen.
- De dansgroep hield elke week oefensessies om hun choreografie perfect te krijgen voor de voorstelling.
- Na de training voelde ik de spierpijn van de intensieve oefeningen die we hadden gedaan.
Woordoorsprong
Het woord 'oefening' komt van het werkwoord 'oefenen', dat verwijst naar het proces van herhalen en verbeteren van vaardigheden.
Veelgestelde vragen over oefening
Wat is de betekenis van oefening?
oefening betekent: activiteit die erop gericht is om een vaardigheid te leren of te verbeteren
Welk woordgeslacht heeft oefening?
oefening is een vrouwelijk (de).
Hoe gebruik je oefening in een zin?
Voorbeeld: “De oefening bleek toch zwaarder dan gedacht.”
Etymologie
* van oefenen
Uitdrukkingen
- Het is einde oefening — Het is afgelopen
- Oefening baart kunst — Men leert iets door het te oefenen