omvang

mannelijk (de)/ˈɔmvɑŋ/

Wat is de betekenis van omvang?

omvang betekent: omtrek, dikte

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. omtrek, dikte
  2. grootte
  3. uitgestrektheid
  4. muziek (muziek) de tonen die een stem of instrument kan voortbrengen, toonomvang

Voorbeelden van "omvang" in een zin

  • 'Maar,' zegt Coyle, 'ook met die beperkte omvang hebben we al interessante resultaten geboekt.
  • 'Maar,' zegt Coyle, 'ook met die beperkte omvang hebben we al interessante resultaten geboekt.
  • Door de vragen die Pamela me tijdens onze lunchpauzes stelde over het leven op Trinidad, ontdekte ik hoe weinig ze op school of daarna had geleerd over de omvang van het Britse Rijk.

Vertalingen

Franscirconférence, taille, ampleur
Spaanscircunferencia, magnitud, volumen