onderhoudsplicht

mannelijk/vrouwelijk (de)/ˈɔndərhɑutsˌplɪxt/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. juridisch (juridisch) verantwoordelijkheid om een persoon met wie je een familierechtelijke band hebt genoeg middelen van bestaan te geven
    Erkenning van een kind brengt voor de schijnvaders ook verplichtingen met zich mee, zoals een onderhoudsplicht.
  2. juridisch (juridisch) verantwoordelijkheid om iets dat gebruikt wordt in bruikbare staat te houden
    De huisbaas van 21 panden in de Lepelstraat in Amsterdam, de firma Gassan, moet zijn onderhoudsplicht nakomen, aldus het vonnis van de vice-president van de Amsterdamse rechtbank donderdag in een kort geding.