ons
onzijdig (het)/ɔns/
Betekenis
voornaamwoord
- 1e persoon meervoud als (direct of indirect) object of na een voorzetsel;Hij zag ons in de stad.Hij heeft ons dit gegeven.Hij doet het voor ons.
voornaamwoord
- 1e persoon meervoud;
voornaamwoord
- van de 1e persoon meervoudDit is ons huis.Dit is onze huisdeur.
zelfstandig naamwoord
- (eenheid) niet officiële gewichtsmaat van 100 gramMag het een ons meer zijn?
- (eenheid), (verouderd) een eenheid van gewicht van voor de invoering van het decimale stelsel en was 1/16 van een pond (ca. 480 gram) of 1/12 van een medicinaal pond (ca. 375 gram)Een ons was onderverdeeld in acht drachma's.
Etymologie
* In de betekenis van ‘bezittelijk voornaamwoord’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 901
Uitdrukkingen
- een onsje minder
- tot hij een ons weegt
Vertalingen
Engelsus, our
Fransnous, notre
Duitsuns, unser
Spaansnuestro, nuestra
Russischнас, нам, нами
Turks-miz
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek