ontbinden

/ɔndˈbɪndə(n)/

Betekenis

werkwoord
  1. ov (ov) een organisatie opheffen
    Er werd besloten de vereniging te ontbinden.
  2. erga, scheikunde (erga) (scheikunde) het uiteen (laten) vallen van een chemische stof in een aantal andere
    Als je een polymeer aan een te hoge temparatuur blootstelt, zal het ontbinden.
  3. ov, wiskunde (ov) (wiskunde) het bepalen van de factoren waaruit een getal of uitdrukking is samengesteld
    Ontbind dit getal in zijn priemgetallen.
  4. erga (erga) het aan verrotting onderhevig zijn van een gestorven organisme
    Het lijk begon te ontbinden.

Etymologie

*Afgeleid van binden .

Vertalingen

Engelsdisband, dissolve, decompose
Spaansdisolver, rescindir, resolver