ontvangsthal

mannelijk/vrouwelijk (de)

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. ruimte bij de ingang van een gebouw waar men bezoekers kan binnenlaten en verwelkomen
    Ironisch genoeg nemen ze ons mee naar de ontvangsthal van het ziekenhuis. Daar wordt ons gevraagd om de stad zo snel mogelijk te verlaten. Later zet een dwingend sms'je van de lokale overheid dat verzoek kracht bij. We besluiten eieren voor ons geld te kiezen en keren terug naar Peking.
    De complete sleutelbos is tot en met eind januari 2021 te zien in de centrale ontvangsthal van het stadhuis van Rotterdam. Daarna draagt de stad de eigen stadssleutel en de sleutelbos over aan een nieuwe gaststad.

Vertalingen

Engelslobby, reception area