onverzettelijkheid
vrouwelijk (de)
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- het altijd kunnen doorgaan zonder opgevenGyan speelde van 1997 tot en met 2007 bij Feyenoord. Hij won met de Rotterdammers de UEFA Cup in 2002 en werd landskampioen in 1999. Bij de fans groeide Gyan door zijn onverzettelijkheid op het veld en zijn betoverende lach buiten het veld uit tot publiekslieveling.
- iets dat getuigd van onwrikbaarheid
Etymologie
* afleiding van onverzettelijk
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek