Dit woord is niet gevonden in de woordenlijst.

oorlof

/orˈlΙ”f/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. verouderd (verouderd) goedkeuring om iets te mogen doen
  2. verouderd (verouderd) vertrek op een beleefde manier
tussenwerpsel
  1. verouderd (verouderd) afscheidsgroet bij vertrek voor een langere periode

Etymologie

**[2] vanuit de specifieke betekenis "toestemming om te vertrekken"