opdraaien

Betekenis

werkwoord
  1. erga (erga) een weg, baan ~ met in draaiende beweging een weg oprijden
    We zijn daar de grote weg opgedraaid.
  2. erga, financieel (erga), (financieel) ~ voor aangewezen worden om de kosten te betalen
    Hij is uiteindelijk toch voor alle kosten opgedraaid.
  3. ov, techniek (ov), (techniek) iets ~ een mechanische veer draaiend in gespannen staat brengen
    Je kunt die radio opdraaien of op zijn zonnecellen laten werken.
  4. ov (ov) er ~ met een draaiende beweging iets ergens op bevestigen
    Hij had de dop er niet goed opgedraaid en dus begon de fles te lekken.

Etymologie

*hier komt de etymologie van het woord-->

Uitdrukkingen

  • voor iets moeten opdraaien

Vertalingen

Engelssuffer for it
Spaansapencar, apechugar