opdrachtgeefster
vrouwelijk (de)/ˈɔbdrɑxtˌxefstər/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (persoon) vrouw die opdrachten geeft; vrouw die een bestelling doetSophie hoort hoe Rosentreter zijn opdrachtgeefster een paar kalmerende woorden toefluistert.
Etymologie
*afleiding van opdrachtgever
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek