openbaar

ˌopə(n)ˈbar

Wat is de betekenis van openbaar?

openbaar betekent: vrij toegankelijk

Betekenis

bijvoeglijk naamwoord
  1. woorden met artikelreferenties, woorden met boekreferenties vrij toegankelijk
werkwoord
  1. eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van openbaren
  2. gebiedende wijs van openbaren
  3. tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van openbaren

Voorbeelden van "openbaar" in een zin

  • WikiWoordenboek is openbaar en zal dat ook altijd blijven.
  • Ik openbaar.
  • Openbaar!
  • Openbaar je?

Etymologie

van Middelnederlands openbaer bn / openbare bw , op te vatten als afgeleid van openen met het achtervoegsel -baar, in de betekenis van ‘algemeen bekend, het algemeen betreffend’ aangetroffen vanaf 1200

Vertalingen

DuitsStaatsanwaltschaft, öffentlich
Engelspublic, Prosecutors' Office
Japans公共, koukyou, こうきょう
Franspublic
pappublico, publiko
Poolspubliczny
Spaanspúblico
nopåtalemyndighet
nnpåtalemakt