openingstijd
mannelijk (de)/ˈopənɪŋsˌtɛit/
Wat is de betekenis van openingstijd?
openingstijd betekent: tijdstip waarop locatie open gaat voor bezoekers
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- tijdstip waarop locatie open gaat voor bezoekers
- afgebakende periode dat een locatie open is voor bezoekers
- tijdsduur dat een locatie open is voor bezoekers
- (sport) tijdsduur die benodigd was voor het eerste stukje van een race
Voorbeelden van "openingstijd" in een zin
- Je kunt er niet reserveren, krap een uur na openingstijd zit het al mudjevol.
- Ondersteund door een hoop media-aandacht opende Apple gisteren een nieuwe winkel in Amsterdam. Al uren voor openingstijd verzamelden honderden mensen zich voor het pand om als eerste naar binnen te mogen en één van de 4500 gratis t-shirts te krijgen.
- De mogelijke versoepeling van de openingstijd tot 01.00 uur is goed nieuws voor gewone café’s en restaurants, maar „betekent niets” voor nachtclubs.
- In het Groninger Museum intussen, voelt het alsof je er buiten openingstijd rondloopt. Er is meer personeel dan dat er bezoekers zijn.
- De speciale werkgroep van de beurs beveelt verder aan dat de openingstijd van de beurs worden verruimd.
Veelgestelde vragen over openingstijd
Wat is de betekenis van openingstijd?
openingstijd betekent: tijdstip waarop locatie open gaat voor bezoekers
Hoeveel betekenissen heeft openingstijd?
openingstijd heeft 4 verschillende betekenissen in het Nederlands. Zie hierboven voor alle definities.
Welk woordgeslacht heeft openingstijd?
openingstijd is een mannelijk (de).
Hoe gebruik je openingstijd in een zin?
Voorbeeld: “Je kunt er niet reserveren, krap een uur na openingstijd zit het al mudjevol.”
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek