ophakken

Betekenis

werkwoord
  1. een groter geheel in (te) kleine delen verdelen
    Kabinet, coalitie en oppositie moeten ernaar streven om het volgend jaar eens te worden over een omvangrijke belastingherziening en de besluitvorming erover niet in delen ophakken. De uitvoering kan wel in stappen, maar voor de eerste stap gezet wordt moet het „eindplaatje helder zijn”.
    Want de stemwebsite moet een lange reeks ingewikkelde politieke kwesties ophakken tot een paar zinnen. "Je kunt niet verwachten dat mensen zich inlezen in alle verschillende typen motoren", verwijst hij naar het voorbeeld over vervuilende auto's.
  2. opscheppen