opkikker
mannelijk (de)/ˈɔpkɪkər/
Wat is de betekenis van opkikker?
opkikker betekent: iets waarvan je je beter gaat voelen als je moe, depressief of op een andere manier niet helemaal lekker bent
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- iets waarvan je je beter gaat voelen als je moe, depressief of op een andere manier niet helemaal lekker bent
- borreltje of ander (alcoholisch) drankje
- stomp of klap
Voorbeelden van "opkikker" in een zin
- Kramer was ook niet eens zo ontevreden over zijn eigen race. Hij had hem wel wat harder kunnen „aanvallen”. Wat meer moeten versnellen per ronde gedurende de race. Of nou ja, in ieder geval wat minder langzaam. „Jorrit pakte op een gegeven moment steeds een tiende op me.” Of deze overwinning voor Bergsma nou een „mentale opkikker” was, wordt Kramer gevraagd. Die glimlacht. „Die had hij nodig, ja.” Het is te vroeg om te zeggen dat de tien kilometer nu weer van Bergsma is. Vindt ook Bergsma zelf. „Maar het begint er in ieder geval weer op te lijken.” NRC Frank Huiskamp 30 december 2016
- Wij dronken een paar koppen sterke koffie als opkikkertje.
Etymologie
* van opkikkeren
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek