opsteker

mannelijk (de)/xxxx/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. een omstandigheid die gunstig voor iets of iemand werkt; iets wat blijmoedig maakt
  2. iemand die iets opsteekt
  3. (bargoens) puntig mes
  4. landbouw (landbouw) hooivork met een lange steel
  5. gereedschap (gereedschap) wig voor beitels en schaven
  6. visserij (visserij) het plotseling omhoogkomen van de dobber wanneer men beet heeft
  7. positieve opmerking

Etymologie

* van opsteken

Vertalingen

Engelschance