opstook
Wat is de betekenis van opstook?
opstook betekent: eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van opstoken
Betekenis
werkwoord
- eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van opstoken
Voorbeelden van "opstook" in een zin
- ... dat ik opstook.
Veelgestelde vragen over opstook
Wat is de betekenis van opstook?
opstook betekent: eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van opstoken
Hoe gebruik je opstook in een zin?
Voorbeeld: “... dat ik opstook.”
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek