parthenogenese

vrouwelijk (de)

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. een vorm van ongeslachtelijke voortplanting, het verschijnsel dat vrouwtjes van bepaalde diersoorten nakomelingen kunnen krijgen zonder dat hier mannetjes aan te pas komen
    Maagdelijke voortplanting of parthenogenese is bij enkele soorten reptielen, insecten en vissen bekend.
    Deze vorm van aseksuele voortplanting heet parthenogenese of maagdelijke voortplanting en komt vrij vaak voor bij ongewervelde dieren.
  2. maagdelijke geboorte van Jezus Christus

Etymologie

* uit het Grieks