pat
onzijdig (het)/pɑt/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (schaak) stand op het bord waarbij sprake is van remise doordat een speler geen zet meer kan doen zonder dat zijn koning daardoor schaak komt te staanDe partij eindigde in pat.
zelfstandig naamwoord
- (kleding) reep stof met een knoopsgat aan het uiteinde en met het andere uiteinde bevestigd aan het kledingstukdoorknoopsluiting met verstelbare patten
- (kleding) (verouderd) klep, bijvoorbeeld over een zak(...) de patten der zakken waren, door den tyd, wat besmeurt, (...)
- (kleding) (militair) gekleurd strookje stof op een uniform als achtergrond van een onderscheidingsteken, in het bijzonder een bies op de kraagOp de kraag worden 5 hoekige emblemen als patten aangebracht die per dienstvak de kleur hebben zoals op de voormalige bies.
- (fietsen) een van beide houders die het wiel in de vork houden, deel van het frame of zelfstandig te bevestigen onderdeelZorg dat het wiel goed in de patten zit!
Etymologie
thumb|pat (wit zou een zet met de koning moeten doen, maar kan dit niet)
Vertalingen
Engelsstalemate, tab, patch
Franspat, patte, écusson
DuitsPatt, Patte, Patte
Spaanstablas
Italiaansstallo
Russischпат
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek