ploeteren
/ˈplutərə(n)/
Betekenis
werkwoord
- (inerg) met grote moeite voortgaanEr werd geploeterd en afgezien.
- (erga) met grote moeite ergens heen gaanHij was door een brede strook modder geploeterd en was nu op steviger bodem beland.
- tweede betekenisomschrijvingZin met het ploeteren in de tweede betekenis erin.
- enz.
Etymologie
* Klanknabootsend
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek