praktijkdocent
mannelijk (de)/xxxx/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (onderwijs) (medisch) (beroep) iemand die in een ziekenhuis de docenten assisteert bij de praktijklessen en op de afdelingen toezicht houdt op het werken van de verpleegkundigen
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek