prikkel

mannelijk (de)/xxxx/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. gevoelssignaal, stimulus, plotselinge irritatie van het zenuwstelsel, aansporing
    De prikkel van de sporen deed het paard een uiterste poging wagen.
  2. doornen van prikkelende voorwerpen, planten
    Pas op! Anders zit je midden in de prikkels.

Vertalingen

Engelsimpetus, incitement, stimulus
Fransimpulsion, incitation
DuitsImpuls, Anstoß, Stimulanz
Spaansimpulso, incitación
Zweedsimpuls, ansporrande, stimulerande