railtransport

onzijdig (het)/ˈreltrɑnsˌpɔrt/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. bepaalde verplaatsing van personen of goederen per trein
    De sabotage van Duitse railtransporten bereikte een hoogtepunt na de geallieerde invasie van juni 1944 in Normandië.
  2. verkeer (verkeer) type vervoer waarbij wagens harde wielen hebben die over evenwijdige staven rollen, zodat er maar weinig kracht nodig is om ze in beweging te brengen
    De over het spoor vervoerde hoeveelheid goederen verdubbelde. Daarmee nam het procentuele aandeel van het railtransport ook toe, maar het is nog altijd bescheiden: van 3 procent in 1995 naar ruim 5 procent in 2005.