recapituleer
Wat is de betekenis van recapituleer?
recapituleer betekent: eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van recapituleren
Betekenis
werkwoord
- eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van recapituleren
- gebiedende wijs van recapituleren
- tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van recapituleren
Voorbeelden van "recapituleer" in een zin
- Ik recapituleer.
- Recapituleer!
- Recapituleer je?
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek