recapituleer

Wat is de betekenis van recapituleer?

recapituleer betekent: eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van recapituleren

Betekenis

werkwoord
  1. eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van recapituleren
  2. gebiedende wijs van recapituleren
  3. tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van recapituleren

Voorbeelden van "recapituleer" in een zin

  • Ik recapituleer.
  • Recapituleer!
  • Recapituleer je?