Dit woord is niet gevonden in de woordenlijst.
rumpsteak
mannelijk (de)
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (voeding) een lap rundvlees, kalfsvlees of paardenvlees van de bovenbilHet is overigens nog maar de vraag of Albert Heijns vertaalhulp wel de gehoopte duidelijkheid verschaft. Want een biefstuk heet in Vlaanderen over het algemeen ook gewoon een biefstuk, en geen rumpsteak. En een karbonade, dat is helemaal geen kotelet, zegt professor Gino Van Ossel, maar stoofvlees.
Etymologie
* uit het Engels
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek