schelvis

mannelijk (de)/ˈsxɛlvɪs/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. straalvinnigen, voeding (straalvinnigen) (voeding) bepaald soort kabeljauwachtige consumptievis,
  2. straalvinnigen (straalvinnigen) gebruikt als benaming voor vissen uit de familie
  3. straalvinnigen (straalvinnigen) (Suriname) bepaald soort vuurrode vis, uit de familie van de zeeschorpioenen,

Etymologie

*(erfwoord) via Middelnederlands "schelvisch" / "schelvisc" van Oudnederlands "skellifisk", in de betekenis van ‘beenvis’ voor het eerst aangetroffen in 1101; op te vatten als

Vertalingen

Engelshaddock
Fransaiglefin, eglefin
DuitsSchellfisch
Spaanseglefino, pescadilla
Italiaansasinello, eglefino
Portugeesarinca, eglefino, hadoque
Russischпикша
Chinees黑線鱈
Japansコダラ
Poolsplamiak
Zweedskolja
Deenskuller