scherf
mannelijk/vrouwelijk (de)/ˈsxɛrᵊf/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- onregelmatig gevormd stuk materie dat deel heeft uitgemaakt van een groter geheelMen zegt vaak, nadat er een stuk servies aan scherven gevallen is, dat scherven geluk brengen.
- (militair) fragment van een granaat
Etymologie
*van Middelnederlands """, in de betekenis van ‘stuk van gebroken voorwerp’ aangetroffen vanaf 1240
Vertalingen
Engelsshard, shellsplinter, splinter
Franséclat, éclat
DuitsScherbe, Splitter
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek