sjanker

mannelijk (de)/xxxx/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. ulcus aan de geslachtsorganen door een besmettelijke ziekte
    Ziektes die zweren aan de geslachtsdelen veroorzaken, zoals syfilis en chancroid (‘weke sjanker), hielpen het aidsvirus hiv bij zijn ontstaan en zijn verspreiding in koloniale steden in de vroege twintigste eeuw. Dat concluderen wetenschappers uit Leuven, Lissabon en Boedapest in het blad Plos ONE de Standaard 08 APRIL 2010
    Welke geneesheer immers zou kunnen waarborgen dat 'de hoer, die hij heden middag gevisiteerd heeft, niet reeds heden avond besmet is'? Zo bezien bood de reglementering een valse zekerheid en bleef het risico van een druiper (gonorroe) of harde sjanker (syfilis) bestaan Volkskrant PIET DE ROOY 18 september 1998

Etymologie

* uit het Frans

Vertalingen

Engelschancre